• Columnist Jan Beyer heeft zijn 200ste column voor de Stad Tiel geschreven.

    Raphael Drent

Opgeblazen

Ik kan me voorstellen dat heel wat inwoners van Maurik en omgeving er geen sikkepit meer van snappen. Een goede vriend van mij hoort ook tot deze categorie. Hij kan er met zijn volle verstand niet bij dat de gemeente Buren destijds wel een miljoen of achttien voor het nieuwe gemeentehuis in Maurik kon ophoesten en het verenigingsleven en de scholen nu in de kou laat staan omdat er onvoldoende geld is voor de bouw van een nieuwe sporthal. Dat kostbare gemeentehuis is bovendien zo ruim bemeten, dat je het half leegstaande souterrain met weinig moeite zou kunnen inrichten als sporthal. Kunnen de ambtenaren ook eens in beweging komen. Twee vliegen in een klap. De gemeenteraad komt nu, na vele jaren dimdammen, met het idee om in Maurik-Oost een opblaasbare sporthal neer te zetten. Een hal als een ballon. Wat ik daarvan vond, wilde mijn vriend weten. Ik zou zoiets nooit doen. De sportvereniging zien er ook niets in. Op een politiek compromis dat voorkomt uit besluiteloosheid en een jarenlange lijdensweg achter de rug heeft, rust meestal geen zegen, zo leert de praktijk. Het is een lege dop, ook al lijkt het op een reusachtig half ei. Een monster in het landschap. Afmeting en vormgeving vloeken met de groene omgeving. We gaan die zo fraaie Betuwe met z'n fruitbomen toch niet verpesten door zo'n bakbeest van kunststof? Een bakbeest met een grote propaantank en dus nog riskant ook. Op het industrieterrein Kellen is zo'n tank begin dit jaar gaan lekken. De hele omgeving zat in de stank. Als de wind opsteekt ben je je leven niet zeker in zo'n blaashal en kun je het beste zo snel mogelijk wegwezen. In Brabant, Limburg en in België zijn ze al eens tegen de vlakte gegaan. Daar moeten we sportend Maurik niet aan wagen. Mijn vriend vond dat ik wel erg eenzijdig over die blaashal oordeelde. Mijn argumenten vond hij maar zwakjes.. Daarom zocht ik naar een voorbeeld om mijn bezwaren zo beeldend mogelijk aan hem duidelijk te maken.

Stel je voor, zei ik, dat de baas van een sekshuis al jaren rondloopt met het plan om flink te investeren. Hij wikt en hij weegt. Een nieuw bordeel bouwen of kiezen voor een goedkopere oplossing. Al geld tellend komt hij tot de conclusie dat hij moet kiezen voor een nieuwe geldbesparende formule. Hij besluit de vrouwen, die jarenlang voor hem gewerkt hebben, aan de dijk te zetten en hen te vervangen door opblaaspoppen. Het loopt uit op een fiasco.

En waarom dan, wilde mijn Maurikse vriend weten. Heel simpel. Het werd niet gepikt.

Jan Beijer

(reageren: jbeijer@upcmail.nl)