• Columnist Jan Beyer heeft zijn 200ste column voor de Stad Tiel geschreven.

    Raphael Drent

Blazen

Wat alcohol betreft, ben ik een gezegend mens. Van alcoholcontroles schrik ik niet, ook niet als ik aardig wat drank naar binnen heb gewerkt. Dat heeft te maken, heb ik wel eens gelezen, met mijn lichaamsbouw. Ik ben een lange kerel met een niet onaanzienlijk vetpercentage. Dan kun je tegen een alcoholisch stootje. Zaterdagavond was ik even bij Appelpop. Daar werd wat afgelurkt, zo zag ik om mij heen. Het leek wel Appelslok. In de krant las ik later dat er waarschijnlijk nog nooit zoveel alcohol naar binnen was gewerkt in de historie van het hele festival. Festival? We kunnen het beter een flestival noemen. Vorig jaar kondigden de organisatoren, de gemeente en de politie aan dat ze het alcoholprobleem drastisch zouden aanpakken. Veel meer toezicht en blaastesten bij de ingang. Dat zal ongetwijfeld gebeurd zijn, maar het heeft helaas niet geholpen. Er is nog nooit zoveel drank achterover geslagen dat dit jaar. De indrinkers, die thuis of bij vrienden al flink aan de alcohol hebben gezeten en daarna pas naar Appelpop gaan, vormen misschien wel het grootste probleem. Die moeten dus met voorrang in de kraag gevat worden. Met dat doel voor ogen hield de politie vrijdag en zaterdag een grootscheepse alcoholcontrole bij het zwembad in Tiel.

Mijn melkboer, misschien wel de meest bekende middenstander van Tiel, die vaak nog laat op pad is, raakte ook verstrikt in de fuik. Hij rijdt in een bestelwagen met aanhanger, volgehangen met borden waarop met krijt de aanbiedingen gekalkt zijn. Een echte rijdende melkman in een stofjas, de laatste die Tiel nog rijk is. Stoppen, commandeerde de onverbiddelijke agent. De melkboer dacht eerst nog dat de politieman een liter karnemelk wilde bestellen. Of misschien een paar zakken paprikachips. Nee, blazen. Hij blies gehoorzaam in het pijpje en mocht weer verder rijden om zijn klanten van dienst te zijn. Na een paar straten, moest hij omkeren en, ja hoor, de ijverige agenten joegen hem opnieuw de fuik in. Weer blazen? Ja, zonder pardon. U bent al aan de beurt geweest? Niks mee te maken, nog maar een keer. En weer dat pijpje. Twee keer binnen pakweg een half uur. Een dag later herhaalde de geschiedenis zich en moest de rijdende middenstander voor de derde keer aan de blaaspijp. Een melkboer drie keer laten blazen. Dat lijkt me niet de meest voor de hand liggende methode om het drankprobleem van Appelpop uit de wereld te helpen. Zeker niet als je agenten aan het werk zet die in Tiel van toeten noch blazen weten.

Jan Beijer

(reageren: jbeijer@upcmail.nl)