• Henny de Heus
  • Henny de Heus
  • Henny de Heus
  • Henny de Heus

Maria van Oranje, grondlegger van het Burens weeshuis

BUREN Maria van Oranje, geboren op het kasteel van Breda op 7 februari 1556 als dochter van Willem van Oranje en Anna van Egmond was het derde kind uit dit huwelijk. Het eerste, een meisje dat ook Maria werd genoemd, is jong overleden. Haar broer Philips Willem is op 19 december 1554 in Buren geboren. Het huwelijk van haar ouders heeft de Nederlandse geschiedenis drastisch veranderd.

Maria heeft het in haar jeugd niet makkelijk. Als ze twee jaar is overlijd haar moeder Anna van Egmond, gravin van Buren. Maria heeft geen enkele herinnering aan haar.

Willem van Oranje is bijzonder verdrietig dat hij na zeven jaar huwelijk als weduwnaar achterblijft. De echtelieden waren bijzonder op elkaar gesteld. Willems brieven aan Anna beginnen steevast met Anneque Tanneque. Blijkbaar Willems koosnaampje voor Anna.

Als Maria vijf jaar oud is, hertrouwt haar vader met Anna van Saksen. Een puur politiek huwelijk, waar weinig liefde aan te pas komt. Dat hebben Maria en haar broer Philips Willem aan de lijve ondervonden. Anna heeft geen enkele affectie voor haar stiefkinderen.

Willem van Oranje besluit om Philips Willem op twaalfjarige leeftijd naar de Leuvense universiteit te sturen. Enkele weken daarna vraagt Willem van Oranje of Maria als elfjarige hofdame mag worden aan het hof bij Maria van Hongarije. Zij is een zus van Keizer Karel V en door de keizer aangesteld als Landvoogdes der Nederlanden. De voertaal is Frans, maar dat is voor Maria geen probleem, ze spreekt het vloeiend.

Op 24 januari 1566 dient Willem van Oranje ontslag als stadhouder in bij de Landvoogdes en vertrekt met Maria haar naar slot Dillenburg.

NEDERLAND In 1577 verlaat Maria Dillenburg. Ze vaart via de Rijn en Waal naar Geertruidenberg langs verbrande huizen en troosteloze akkers. De Spanjaarden passen zichtbaar de tactiek van de verschroeide aarde toe. Twee maanden later, in een tijd dat de Spanjaarden zich nog steeds niet gewonnen hebben gegeven, betrekken Willem van Oranje en zijn derde vrouw Charlotte de Bourbon het Bredase kasteel. Snel daarna komt Philips van Hohenlohe in Breda aan. Maria en Philips kenden elkaar van Dillenburg. Het jaar daarna zien ze elkaar weer in Antwerpen.

Maria's oom, Gelders stadhouder Jan van Nassau, schrijft haar op een gegeven moment dat haar oma Juliana van Stolberg op 18 juni 1580 is overleden. In diezelfde brief noemt hij ook weer Philips van Hohenlohe. Maria laat weten enthousiast te zijn dat Philips in een goede gezondheid verkeert.

Twee jaar verder, zondag 18 maart 1582, is een zwarte dag in het leven van Maria. Ze is in het Antwerpse kasteel als een mislukte moordaanslag op haar vader Willem van Oranje plaatsvindt. Hij krijgt een kogel door zijn nek die het lichaam achter het linkeroor weer verlaat. Willem van Oranje weet dat zijn leven aan een zijden draadje hangt en schrijft een brief waarin hij een huwelijk tussen Maria en Philips van Hohenlohe toestaat. Charlotte de Bourbon verpleegd haar man, maar vraagt teveel van zichzelf. Ze overlijdt enige dagen later. Maria krijgt de taak om het gezin te gaan leiden. De zes jonge kinderen van Charlotte en Willem vonden in Maria een liefhebbende verzorgster.

MAURITS Maria vestigt zich enkele weken na de moord op haar vader op het Burens kasteel. Zus Anna (1562-1588) houdt haar daar gezelschap. Makkelijk heeft Maria het niet. Haar maandelijkse inkomsten bedragen 100 gulden.

Na het overlijden van Willem van Oranje is het onduidelijk wie de bezittingen van Anna van Buren erft. Haar halfbroer Maurits vindt dat hij dat is, maar Maria is het daar niet mee eens. De Staten Generaal beslisten uiteindelijk dat Maria haar recht krijgt.

Maurits heeft nog meer familieproblemen. Zus Emilia wil trouwen met Emanuel van Portugal. Een prins zonder baan en vooral zonder geld. Emilia drijft haar zin door en wordt getrouwd door een pastoor. Maurits is woedend en wil haar nooit meer zien. Maria steunt Emilia zoveel ze kan en stelt zelfs haar Delftse huis ter beschikking van het bruidspaar. Op 21 maart 1600 is Maria in Delft bij Emilia op bezoek en doopgetuige bij enkele kinderen van Emilia, die katholiek gedoopt worden.

In 1595 wordt Philips Willem in Spanje vrijgelaten. Maurits wil niet hebben dat zijn halfbroer naar Nederland komt.

HUWELIJK Eind 1593 schrijft Maria aan oom Jan op Dillenburg dat ze met graaf Philips van Hohenlohe wil trouwen. De huwelijkse voorwaarden worden opgesteld, maar Maurits ligt weer eens dwars. Hij kan niet overweg met Philips van Hohenlohe. Veel waarschijnlijker is dat Maurits bezorgd is dat bij een eventueel huwelijk de Egmond en Oranje erfenis naar eventuele kinderen van Maria en Philips gaan.

Op 3 februari 1595 vertrekken Maurits, zijn halfzus Emilia en Frederik Hendrik vanuit Delft naar Buren. Vier dagen later wordt het huwelijk van Maria en Philips in de grote zaal van het kasteel voltrokken. Een groot aantal gasten zijn aanwezig, waaronder Johan van Oldenbarnevelt. De bruiloft wordt met grote luister gevierd, duurt vijf dagen en het bruidspaar ontvangt voor zo'n 35.000 gulden aan geschenken. Maria was 39 jaar en het huwelijk blijft kinderloos.

Philips van Hohenlohe ondervindt de laatste jaren van zijn leven voortdurend last van hevige jichtaanvallen. Hij overlijdt op het kasteel van IJsselstein op 6 Maart 1606. Aanvankelijk wordt hij ook in IJsselstein begraven, maar later in het familiegraf in Öhringen bijgezet. Maria was daar ook bij aanwezig.

WEESHUIS Kort na de dood van Philips ontvangt Maria het verzoek te zorgen voor de negenjarige Magrite Maria van Falckensteijn. Philips is dan pas overleden en het meisje wordt tijdelijk ondergebracht bij de graaf van Culemborg. Pas als Maria in het najaar naar Buren terugkeert, neemt ze het meisje in huis en zorgt verder voor haar opvoeding.

Na het overlijden van Philips van Hohenlohe besluit Maria in Buren te blijven. Ze is intussen ernstig doof en ze voelt zich zwak. En ze heeft de zorg voor haar pleegdochter. Wel zijn er problemen met het uitbetalen van het 'weduwenpensioen'. Kort na het overlijden van Philip vat ze het plan op om een weeshuis te stichten.

In oktober 1608 komt Philips Willem naar Buren. Op het Burense kasteel hebben Maurits en Frederik Hendrik hun oudste broer Philips Willem voor het eerst ontmoet. Maria kiest de zijde van Filips Willem, die met zijn halfbroers Maurits en Frederik Hendrik in een hevige strijd verwikkeld is over de nalatenschap van hun vader.

In 1612 tekent Maria tekent een akte, waarin de stichting van een weeshuis wordt vastgelegd. Ze stelt hiervoor 32.000 gulden beschikbaar. De oplevering van het weeshuis heeft ze niet meer mee mogen maken.

Op 10 oktober 1616 luiden de doodsklokken van het kasteel en Sint Lambertuskerk in Buren. Maria is overleden. In de laatste jaren werd ze gekweld door doofheid en maagklachten. Dertien dagen later is ze bijgezet in de grafkelder van haar moeders familie in de St. Lambertuskerk in Buren.

Met medewerking van

Museum buren en Oranje

Marechausseemuseum